Nascholing Integrale diëtetiek (beginners)

De nascholing bestaat uit zelfstudie en 5 uur casuïstiek bespreking onder begeleiding van ervaren integraal diëtist.

ID nummer: 406665
Aantal accreditatie-punten: 28 KP punten /MBOG 17 SBU
Doelgroep: diëtisten die door hun werk met CAM in aanraking komen of een opleiding in dit veld overwegen.
Data:
Module 1 t/m 5: on-demand
Module 6: Casuïstiek bijeenkomsten
online

Inclusief het e-boek: Geneeswijzen in Nederland van Fleur Kortekaas en Corwin Aakster.

Integrale diëtetiek is reguliere diëtetiek aangevuld met complementaire en alternatieve diagnostiek en behandelwijzen. Integrale diëtetiek is een onderdeel van de integrale gezondheidszorg. In deze e-learning gaan we dieper in op de verschillen tussen alternatieve en reguliere gezondheidszorg. Van waaruit zijn de verschillende stromingen ontstaan, en hoe kunnen ze naast elkaar bestaan en elkaar aanvullen?

Integrale diëtetiek
Steeds meer diëtisten werken met concepten en ideeën uit de complementaire zorg. Er is een groeiend aantal diëtisten dat werkt met leefstijlgeneeskunde, orthomoleculaire geneeskunde en andere complementaire en alternatieve (CAM) geneeswijzen. Ook is ‘alternatieve geneeskunde’ ongekend populair bij consumenten.
Er is onduidelijkheid over de plaats van deze adviezen binnen de voedingszorg. Ook zijn er vaak misvattingen over de veiligheid, effectiviteit en bewijslast van de verschillende vormen van voedingstherapie. In deze e-learning leer je hier meer over.

Voor wie is de e-learning?

De skeptische diëtist

Deze e-learning is ook voor diëtisten die weerstand ervaren tegen complementaire en alternatieve geneeskunde maar hier toch door hun werk mee te maken krijgen, bijvoorbeeld omdat patiënten er gebruik van maken.

Oriënterende diëtist

Ben je diëtist en van plan om je te verdiepen in complementaire en alternatieve geneeswijzen? Deze e-learning is ook geschikt als startpunt en oriëntatie voor verdieping in een complementaire opleiding.

Kijk de uitleg van docent begeleider casuïstiek diëtist Marieke Lebbink

Maatschappelijk belang
Omdat de kosten van de gezondheidszorg onhoudbaar worden (100 miljard in 2019) en de behandeleffecten niet altijd bevredigend genoeg zijn, is er een steeds grotere vraag naar verbreding van zorg-interventies vanuit diverse (semi-)overheidsinstanties. Onder andere de Nederlandse Gezondheidsraad, de Raad voor Volksgezondheid en Samenleving en de Nederlandse organisatie van gezondheidszorgonderzoek en zorginnovatie ZonMW roepen om meer onderzoek naar ‘alternatieve geneeskunde’ . Ze gebruiken daarbij termen als integrale, complementaire gezondheidszorg en leefstijlgeneeskunde. Er is een groeiende groep (aspirant-)medici, publicisten en hoogleraren die ‘complementaire en alternatieve’ geneeskunde (CAM) als een belangrijke oplossingsrichting ziet voor de sterk toenemende ziektelast en zorgkosten

Van alternatieve naar conventionele zorg
Wat bepaalt of een behandeling alternatief, complementair of conventioneel is? Een therapie kan verschuiven van alternatief naar complementair en naar conventioneel. De acceptatie van een behandelwijze kan decennia in beslag nemen. Fysiotherapie is hier een aansprekend voorbeeld van. In de jaren zeventig was fysiotherapie nog een alternatieve therapie gebaseerd op basis van waarneming. Inmiddels is dit vakgebied geaccepteerd en wordt het door zorgverzekeraars vergoed.

Na het doorlopen van de cursus weet de cursist:

Module I
Complementaire en alternatieve geneeswijzen
  • Wanneer men spreekt van complementaire -en alternatieve geneeskunde (CAM)
  • Wat de uitgangspunten en definities zijn van de verschillende typen geneeskunde:
    • Conventionele geneeskunde en Evidence Based Medicine
    • Complementaire- en alternatieve geneeskunde
    • Integrale geneeskunde en Integrative medicine
  • Hoe het verschil tussen CAM en conventionele geneeskunde ontstond.
  • Wat de verschillende termen die voor CAM worden gebruikt betekenen.
  • Wanneer een behandeling onder CAM valt en wanneer het een conventionele behandeling is.
  • Wat de belangrijkste uitgangspunten zijn van de CAM geneeswijzen:
    • Oosterse geneeskunde (TCM en Ayurveda)
    • Westerse natuurgeneeskunde
    • Antroposofische geneeskunde
    • Biochemische en systemische geneeskunde (o.a. orthomoleculaire geneeskunde en functional medicine)
    • Leefstijlgeneeskunde
Module II
Waarom en hoe werkt CAM
  • De motivatie voor mensen om gebruik te maken van CAM
  • De motivatie van behandelaars om CAM af te wijzen of te omarmen
  • Communicatie tussen regulier werkende en complementair werkende behandelaars
  • Of CAM werkt en hoe het zou kunnen werken.
  • Hoe het placebo-en nocebo effect werken
  • Welke factoren bijdragen aan de effectiviteit van de behandeling.
  • Hoe je op verschillende manieren kan kijken (middels theoretische modellen) naar bewijsvoering, wetenschap, kennis en praktijkvoering.
  • De plaats van evidence-based medicine in de behandeling
Module III
Uitgangspunten en systemen
  • De belangrijkste overeenkomsten van de verschillende CAM-geneeswijze.
  • De belangrijkste uitgangspunten bij de behandeling van patiënten volgens CAM, zoals
    • de patiënt
    • het zelfgenezend vermogen
    • positieve gezondheid
  • De oorzakelijke factor achter de klacht (functional medicine)
  • Evidence Based CAM: de homeostase van enkele verschillende biologische systemen zoals:
    • microbiota
    • oxidatie
    • zuurbase
    • detoxificatie
Module IV
Natuurvoeding en suppletie
  • Wat is natuurvoeding
  • Wat zijn de basisprincipes van natuurvoeding
  • Wat is een gezonde voeding volgens de natuurvoeding
  • Hoe bepaal je wat gezonde voeding is
  • De kwaliteitscriteria die worden gebruikt binnen de natuurvoeding
    • De invloed van teeltmethode op de kwaliteitscriteria
    • De invloed van bewerking op de kwaliteitscriteria
    • De invloed van hoeveelheden en variatie op de kwaliteit van de voeding
  • Voorlichtingsmodel binnen de natuurvoeding
  • De rol van voedingssupplementen binnen de natuurvoeding
  • De verschillende vormen van voedingssupplementen
  • Met welk doel voedingssupplementen ingezet kunnen worden
  • Hoe je de effectieve dosering van voedingssupplementen bepaald
  • Hoe je de veilige dosering van voedingssupplementen bepaald
  • Welke (patientgebonden en productgebonden) criteria er zijn om tot een passende supplementkeuze te komen
Module V
Dieetadvies en dieetzorg
  • Het verschil tussen een integraal dieetadvies en een standaard dieet (zoals koolhydraatbeperkt)
  • Kent verschillende voedingstherapieën en stromingen zoals anti-tumortherapie, vega(n)etarisch, paleo en MS-diëten.
  • Weet het verschil tussen deze voedingstherapieën en een integraal dieetadvies op maat.
  • Het bepalen van de veiligheid en effectiviteit van het dieetadvies
  • De afwegingen die aan de wieg staan van een integraal dieetadvies
  • De onderdelen van een integraal dieetadvies
  • De onderbouwing van een integraal dieetadvies
    • Uitsluiten, verhogen of verlagen van de inname
    • Bewerking en bereiding
    • Voedselcombinaties
    • Biochemische individualiteit
    • Gedragsfactoren en eetmomenten
  • Hoe je een CAM binnen de reguliere zorg kan inzetten
  • Hoe evidence based en complementaire geneeskunde zich verhouden
  • Aan welke wettelijke kaders een CAM-behandeling/ behandelaar moet voldoen
  • Hoe je evidence based kan werken binnen de complementaire gezondheidszorg
  • Hoe je de veiligheid en effectiviteit van een CAM behandeling onderbouwd.
  • Hoe je de veiligheid, effectiviteit en doel van een dieetadvies en behandelplan waarborgt.
  • Hoe je de veiligheid, effectiviteit en doel van een suppletie-advies waarborgt en onderbouwd.
  • Hoe je een veilig en effectief integraal/ complementair behandelplan opstelt
  • Hoe je veilig en effectief integraal/ complementair dieetadvies opstelt
  • Hoe complementair en regulier werkende behandelaars kunnen samenwerken
Module VI
Casuistiek

In deze module zal je met de nieuwe vaardigheden naar een bestaande patiënt kijken, zodat je zelf kan ondervinden hoe wezenlijk anders de integrale diëtetiek is. De praktijkbegeleiding is onder leiding van integraal werkend diëtist Marieke Lebbink (zie hieronder voor uitgebreide omschrijving).

Auteur

Louise Witteman is auteur van deze e-learningmodule. Zij studeerde af aan de opleiding Voeding & Diëtetiek in 1999. Tijdens haar stageperiode in een ziekenhuis werd zij steeds bewuster van de reductionistische kijk op voeding, ziekte en gezondheid. Op zoek naar antwoorden op vragen volgde zij direct na haar opleiding tot diëtist een aantal orthomoleculaire opleidingen, waaronder aan het Ortho-Instituut van Gert Schuitemaker. In 2001 behoorde zij tot één van de eerste lichtingen (kPNI) psycho-neuro-immunologie studenten in Nederland. Zij gaf ook les aan diverse orthomoleculaire en natuurgeneeskunde opleidingen. Louise had tot 2013 een eigen praktijk in Den Haag.

Van 2006 tot 2013 was Louise voorzitter van het Netwerk Orthomoleculair Diëtisten, één van de twee complementaire- en alternatieve geneeskunde (CAM)-specialisatie-netwerken die de Nederlandse Vereniging van Diëtisten rijk is. Als voorzitter vroeg zij zich af: ‘Wat is een natuurlijke voeding?  En welke verschillen en overeenkomsten zijn er tussen de visie en (natuur)voedingsadviezen van complementaire en integraal werkende diëtisten?” Het antwoord op deze vraag is het voorlichtingsmodel de Voedingspiramide geworden. Samen met collega diëtist Mirjam Bakker schreef zij hier een boek over.
Als onderdeel van de e-learning ontwikkelde Louise het stappenplan voor integrale diëtetiek. Als je wilt weten wat zij nog meer doet en heeft gedaan, kijk dan op haar linkedin profiel.

De eindredactie van de e-learningmodule is uitgevoerd door Majorie Former. Zij is diëtist en eigenaar van NutriText, tekstbureau gespecialiseerd in voeding en gezondheid.

Docentbegeleider

Marieke Lebbink begeleidt de cursisten bij het bespreken van de casuïstiek bespreking in de laatste module. Marieke heeft jarenlang binnen de thuiszorg gewerkt en heeft sinds 2008 haar eigen praktijk. Momenteel is deze gevestigd in Utrecht bij het Integraal Geneeskundig Centrum Utrecht en het Homeopatisch artsencentrum Utrecht. Ook heeft ze een locatie in Amersfoort waar zij samenwerkt met Zee in beweging. Naast haar reguliere diëtetiek opleiding heeft ze diverse aanvullende opleidingen afgerond zoals orthomoleculaire geneeskunde,  natuurvoedingsconsulent (vanuit de antroposofie), darmtherapeuten- en enzymXpert opleiding. Ze heeft meer dan 30 jaar ervaring in zowel de reguliere als complementaire diëtetiek. Ze is s co-auteur van het boek DarmEhbo,  oprichtster van het online trajecten platform Avontuurlijk gezond en columnist voor het Vakblad Integrale Geneeskunde. Ook zit zij in de werkveldcommissie van de opleiding Voeding en Diëtetiek van de NTI.

Dit schreven de test-cursisten:



Het is de moeite waard en leerzaam.
Zeer uitgebreide en leerzame e-learningmodule. Elke diëtist zou deze module moeten volgen in aansluiting op de opleiding Voeding & Diëtetiek.
Alle informatie is overzichtelijk weergegeven en geeft veel verdieping van de vakkennis. Zeer praktisch voor de dagelijkse praktijk!
Skepticus

Vragen? Neem contact op.


Stel je vraag
Hallo,

Heb je een vraag over de e-learning integrale diëtetiek of de voedingspiramide?
%d bloggers liken dit: